Bemiddeling bij uithuiszetting

Print

Wat

Bij een ernstig conflict tussen huurder en verhuurder kan de verhuurder een procedure tot uithuiszetting opstarten bij het Vredegerecht. De vrederechter zal in dat geval eerst het OCMW inschakelen om te bemiddelen en zo trachten een effectieve uithuiszetting te voorkomen.

Procedure

  • het Vredegerecht brengt het OCMW op de hoogte 
  • het OCMW contacteert u en de verhuurder schriftelijk om te bemiddelen

U dient een afspraak te maken met een maatschappelijk werker van de sociale dienst om de aanvraag persoonlijk in te leiden. Indien u voor de eerste keer contact wilt opnemen met het OCMW, dan gebeurt dit steeds bij de intaker. Deze persoon staat in voor alle nieuwe aanvragen voor maatschappelijke dienstverlening bij het OCMW.

De maatschappelijk werker voert een sociaal onderzoek naar uw familiale, sociale en financiële situatie.

Uw dossier wordt vervolgens voorgelegd aan het Bijzonder Comité voor de sociale dienst. Indien u dit wenst, kan u vragen om gehoord te worden alvorens er een beslissing wordt genomen over uw hulpvraag.

Het OCMW engageert zich om binnen de 30 dagen na uw aanvraag een beslissing te nemen.

Wat meebrengen

U kan uw financiële situatie aantonen door het volgende mee te brengen:

  • identiteitskaart
  • een overzicht van alle inkomsten (inkomsten van alle gezinsleden)
  • een overzicht van alle vaste en variabele kosten (huishuur, elektriciteit, water, telefoon, medicatie,...)
  • een overzicht van eventuele schulden
  • het huurcontract